Economie

Humane Wetenschappen

Informatica

Klassieke talen

Moderne vreemde talen

Wetenschappen

Wiskunde

CLIL

STEM-didactiek

Het Sint-Jozefsinstituut-college staat klaar om jou te helpen je toekomst voor te bereiden. Samen met jou zorgen we er voor dat je na het secundair onderwijs alle troeven in handen hebt voor verder succes.

Onze eerste opdracht bestaat er in alle leerlingen de best mogelijke voorbereiding op verdere studies te geven. Om die reden durven we onze leerlingen nog intellectueel uitdagen. We streven er naar dat ze steeds meer zelfverantwoordelijk worden voor hun leren. Een sterk uitgebouwde leerlingen- en studiebegeleiding
staat klaar om de leerlingen die het wat moeilijker hebben te ondersteunen en over de horde heen te helpen. Dat onze aanpak rendeert, bewijzen jaar na jaar de slaagcijfers van onze oud-leerlingen in het hoger onderwijs. Ze behoren elke keer tot de allerbeste van de provincie.

Op deze pagina kan je alles lezen over onze studierichtingen. We hopen je te inspireren en te helpen bij het maken van jouw studiekeuze en staan altijd klaar om op je vragen te beantwoorden. Wil je graag een brochure ontvangen per post? Dat kan! Stuur ons je adresgegevens en we sturen die graag op! Of lees de brochure hier digitaal.

Economie

Heb je interesse in de wijze waarop onze samenleving sociaal-economisch functioneert en wil je later binnen die economische context handelen, dan zit je goed in de richtingen met economie.

In de het derde jaar kan je kiezen voor de richting Economie waar in het basispakket vier uur wiskunde wordt aangeboden. Afhankelijk van je interesses kan je dat basispakket uitbreiden met één uur wiskunde (leertraject B) of twee uur moderne vreemde talen (Frans en Spaans).

In de derde graad kan je de ontdekkingstocht in de wereld van de economie verderzetten in de richtingen Economie-Wiskunde (met 6 uur Wiskunde), Economie-Moderne talen of Accountancy & IT.

In de seminarie-uren van de richtingen Economie-Wiskunde of Economie Moderne talen krijg je een doorgedreven cursus boekhouden die je terdege voorbereidt voor verdere economische studies.

(Klik hier om nog meer uitleg over economie te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen met economie

2de graad

Toelichting complementair deel

In de 2de graad kan je één of twee uur kiezen. Ofwel kies je voor een uur extra wiskunde en volg je dus leertraject B (Ec B) ofwel kies je voor het versterken van je talen (Ec A). In het 3de jaar is dit Frans en Spaans. In het 4de jaar krijg je een uur extra Engels.

3de graad ASO

* incl. projectwerk

3de graad TSO

Economie – Moderne Talen

In het vijfde jaar krijgen de leerlingen als seminarie 2 uren boekhouden aangeboden.
De talen krijgen in het vijfde jaar een versterking: 4 uur Frans – 3 uur Engels – 3 uur Duits..

In het zesde jaar wordt dat 4 uur Frans, 4 uur Engels en 3 uur Duits. Eén van die lesuren wordt georganiseerd als projectwerk wat betekent dat ze in een periode van één trimester drie uur na elkaar dat vak hebben waarin ze dan hun vaardigheden in Frans, Engels en Duits zullen moeten oefenen en dit op zeer uiteenlopende maar wel actieve manieren (theater bijwonen, poppenkast in elkaar steken, gesprekken met ‘native speakers’, theater spelen, een bepaalde auteur nader gaan bestuderen, een reis voorbereiden…)

Economie – Wiskunde

In het vijfde jaar krijgen deze leerlingen 2 uur Duits. Hiermee komen ze uit op 32 lestijden. In het zesde jaar volgen deze leerlingen 1 uur Duits en twee uur seminarie economie (boekhouden). Hiermee komen ze uit op 33 lesuren.

Humane wetenschappen

Heb je belangstelling voor het menselijk gedrag, de sociale werkelijkheid en cultuur in de ruimste zin van het woord dan is humane wetenschappen een zeer geschikte keuze.

In gedragswetenschappen bestudeer je het gedrag van de mens (psychologie) en van de mens in groepsverband (sociologie). In cultuurwetenschappen krijg je thema’s uit de  communicatiewetenschappen, antropologie, recht, politiek, kunst & maatschappij en filosofie aangereikt.

Deze studierichting geeft ook ruimte aan het muzisch-creatieve dat in elke leerling steekt.

Deze volwaardige ASO-richting geeft je dan later kans om verder te studeren in de sociale sector, het onderwijs, de paramedische, de kunst- of justitiële sector en de media.

(Klik hier om nog meer uitleg te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen humane wetenschappen

2de graad

3de graad ASO

In het vijfde en zesde jaar krijgen de leerlingen die kiezen voor humane wetenschappen 1 uur Duits. Nog in het vijfde jaar worden wordt de leerlingen als seminarie 1 uur muzische vorming aangeboden. Hierin komen zowel leerinhouden uit plastische als muzikale opvoeding aan bod.

Ook in het zesde jaar krijgen deze leerlingen 1 uur seminarie. Hierin komen opnieuw verschillende (vakoverschrijdende) thema’s aan bod, met name uit de geschiedenis en de cultuurwetenschappen.

Informatica

Heb je een sterk analytisch vermogen en ben je geïnteresseerd in meer dan alleen gamen met de computer, dan is IT & Netwerken (informaticabeheer) de geknipte richting voor jou!

De belangrijkste onderdelen die in de les aan bod komen zijn object georiënteerd programmeren in Java, webontwikkeling, dynamische webpagina’s creëren via PHP en het bestuderen van besturingssystemen zoals Windows werkstation, Windows Server en Linux.

Heb je naast IT ook nog een grote belangstelling voor economie en wil je dat combineren met IT, dan zit je goed in de richting Accountancy & IT (boekhouden-informatica). In deze richting ligt de nadruk bij de informatica vooral op programmeren, webdesign en het verwerken van gegevens (Big Data). Voor het vak bedrijfseconomie komen onder andere de opstartformaliteiten, marketing-, voorraad-, investerings-, personeelsbeleid, analyse van de jaarrekening en fiscaliteit aan bod. Elke boekhoudkundige verrichting wordt steeds vanuit een ruimer bedrijfseconomisch geheel bekeken en geïnterpreteerd.

(Klik hier om nog meer te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen met informatica

3de graad TSO

Klassiek talen

Als je in het eerste en tweede jaar Latijn en/of Grieks gevolgd hebt, kan je in het derde jaar voor de richting Latijn of de richting Latijn-Grieks kiezen.

Dit zijn richtingen die uitstekend voorbereiden op welke keuze dan ook in de derde graad.
Wie kiest voor Latijn-Grieks krijgt het leertraject van de vijf uur wiskunde aangeboden. Dat geeft deze leerlingen in de derde graad alle kansen om ook richtingen met zes of acht uur wiskunde te volgen. Kies je voor Latijn, dan moet je in het derde jaar beslissen of je het studiepakket wil versterken met een extra uur wiskunde of twee uur extra vreemde talen (Frans/Spaans). Wie kiest voor het extra uur wiskunde krijgt dan het leertraject B en dat is de beste voorbereiding als je in de derde graad richtingen met zes of acht uur wiskunde ambieert.

Wil je in de derde graad klassieke talen in je studiepakket behouden, dan heb je een ruime keuze: Latijn-Wiskunde of Grieks-Wiskunde (met 8 uur Wiskunde), Latijn-Wetenschappen of Grieks-Wetenschappen (met 6 uur Wiskunde), Latijn-Moderne Talen of Latijn-Grieks.

Ook alle andere keuzemogelijkheden blijven open.

(Klik hier om nog meer uitleg te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen met klassieke talen

2de graad

Toelichting complementair deel

Latijn: Eén uur te kiezen.  Ofwel kies je voor een extra uur wiskunde en volg je leertraject B ofwel versterk je de talen (Frans, Engels, Spaans). Wie voor het extra uur wiskunde kiest, krijgt (facultatief) een extra uur Frans.

Grieks-Latijn: Wie deze richting kiest, krijgt ook in het vierde jaar een extra uur Frans én een extra uur informatica.  Voor wiskunde wordt het leertraject B gevolgd (dus 5 uur wiskunde in 4 lestijden).

3de graad ASO

* incl. projectwerking

Latijn-Wiskunde & Grieks-Wiskunde: 8 uur wiskunde blijft.

In het vijfde en zesde jaar krijgen deze leerlingen 8 uur wiskunde. In tegenstelling tot de officiële lessentabellen wordt –omdat we geloven dat dit een goeie voorbereiding is op verdere studies – het aantal uur fysica verhoogd tot twee uur per week en dit zowel in het vijfde als in het zesde jaar. Leerlingen die willen Duits studeren, kunnen dat kiezen als een facultatieve optie.

Grieks-Wetenschappen & Latijn-Wetenschappen

De school kiest hier voor een versterking van wiskunde in beide leerjaren: in plaats van de voorgestelde 4 uur komen er 6 uur. Immers wie later een studie in de wetenschappen wil aanvangen op universitair niveau, heeft zonder meer een achtergrond met zes uur wiskunde nodig. Daarnaast zijn er twee keer twee uur fysica , twee keer twee uur chemie en 3 graaduren aardrijkskunde en biologie voorzien. Duits is mogelijk als facultatieve optie.

Grieks-Latijn

Voor Frans en Engels sluiten deze leerlingen aan bij de studierichtingen met moderne talen. In het vijfde jaar krijgen ze dus 4 uur Frans en 3 uur Engels. Er is ook een lesuur Duits voorzien. In het zesde jaar krijgen deze leerlingen dus 3 uur Frans en 3 uur Engels plus één uur projectwerking Frans en één uur projectwerking Engels(dwz gedurende één trimester een blok van drie uur taal). De leerlingen krijgen daarenboven één uur seminarie Grieks facultatief en kunnen in het zesde jaar ook facultatief Duits volgen.

Latijn-Moderne Talen

Wat de talen betreft, sluit deze richting aan bij de andere richtingen met moderne talen. Dit betekent een uitbreiding (in vergelijking met de officiële lessentabel) van de uren talen in het vijfde jaar tot 4 uur Frans, 3 uur Engels en 3 uur Duits. Deze leerlingen krijgen in het vijfde jaar ook nog een jaaruur expressie aangeboden. In het 6de jaar krijgen deze leerlingen dus 1 uur projectwerking Frans, Engels en Duits aangeboden.

Moderne vreemde talen

Een goede talenkennis is voor alle leerlingen een absolute must.

In de tweede graad krijg je, welke richting je ook kiest, een doorgedreven vorming in de talen. Wil je in de tweede graad kiezen voor een versterking van je talen (eerder dan een versterking van wiskunde) dan kan je terecht in Economie A of Latijn A. De leerstof in de talen wordt niet uitgebreid, maar er is vooral sprake van verdieping en meer kans tot inoefenen van vaardigheden. Leerlingen uit La A en Ec A volgen ook een uur Spaans. Je neemt ook deel aan een taaluitwisselingsproject met een school uit Wallonië.

In de derde graad kan je dan kiezen voor richtingen als Economie-Moderne talen, Moderne talen-Wiskunde en Moderne talen-Wetenschappen. In die richtingen krijg je seminariewerk. Tijdens deze voorbereiding op verschillende projecten kun je je taalvaardigheid trainen: een uitwisseling met een school uit Dortmund, contacten met onze partnerschool in Dover, het spelen van toneel in een vreemde taal, poppenkast spelen in een Duitstalige kleuterschool of het voorbereiden van de Parijs- of Berlijnreis, enz.

(Klik hier om nog meer uitleg te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen met moderne vreemde talen

2de graad

3de graad ASO

* incl. projectwerk

Economie – Moderne Talen

In het vijfde jaar krijgen de leerlingen als seminarie 2 uren boekhouden aangeboden. De talen krijgen in het vijfde jaar een versterking: 4 uur Frans – 3 uur Engels – 3 uur Duits. In het zesde jaar wordt dat 4 uur Frans, 4 uur Engels en 3 uur Duits. Eén van die lesuren wordt georganiseerd als projectwerk wat betekent dat ze in een periode van één trimester drie uur na elkaar dat vak hebben waarin ze dan hun vaardigheden in Frans, Engels en Duits zullen moeten oefenen en dit op zeer uiteenlopende maar wel actieve manieren (theater bijwonen, poppenkast in elkaar steken, gesprekken met ‘native speakers’, theater spelen, een bepaalde auteur nader gaan bestuderen, een reis voorbereiden…)

Moderne Talen – Wetenschappen

In het vijfde jaar sluit deze studierichting zowel aan bij de studierichtingen met wetenschappen als die met moderne talen. Dit levert een versterking talen op: 4 uur Frans – 3 uur Engels – 3 uur Duits. Tegelijk zijn 4 graaduren fysica en chemie voorzien. Voor biologie en aardrijkskunde zijn 3 graaduren ingericht. In het vijfde jaar is er 1u projectwerking biologie. Dit levert in het vijfde jaar een lessentabel met 33 uren op. In het zesde jaar sluiten deze leerlingen aan – gezien het profiel van hun verdere studies – bij de studierichtingen ‘Moderne Talen’. Ze krijgen dus ook projectwerking aangeboden voor talen.

Moderne Talen – Wiskunde

In het vijfde jaar sluit deze studierichting zowel aan bij de studierichtingen met wetenschappen als die met moderne talen. Dit levert een versterking talen op: 4 uur Frans – 3 uur Engels – 3 uur Duits. In het vijfde jaar is verder één uur Nederlandse expressie voorzien. Dit levert in het vijfde jaar 32 lesuren op. In het 6de jaar krijgen deze leerlingen net als de andere leerlingen die moderne talen volgen een lessentabel met één uur projectwerking. Dit levert opnieuw 32 lesuren op.

Wetenschappen

Ben je aangesproken door wat zich in de natuur afspeelt van het onmetelijk grote zoals zonnestelsels en sterren tot het onmetelijk kleine, zoals quarks en elektronen? Hou je er van dingen te onderzoeken en ben je goed in logisch redeneren en wiskundig denken? Zoek je een toekomstgerichte uitdaging? Dan is wetenschappen studeren écht iets voor jou.

Denk je aan wetenschappelijke studies dan kies je in de tweede graad een richting met leertraject B. Deze sluiten immers het best aan bij de pakketten wetenschappen in de derde graad. In de richting Wetenschappen(STEM) krijg je een verdieping van de vakken biologie, chemie en fysica en ontwikkel je in de labo’s heel wat onderzoeksvaardigheden. Meer uitleg over de STEM-didactiek lees je hier.

Wil je voluit voor wetenschappen gaan in de derde graad, dan is er een ruim aanbod waarin je zeker je gading zal vinden. In de richtingen Grieks-wetenschappen, Latijn-wetenschappen en Moderne talen-Wetenschappen krijg je naast de taalcomponenten een ruim pakket wetenschappen (chemie, fysica, biologie en aardrijkskunde) aangeboden. Het meest uitgebreide pakket krijg je in de richtingen Wetenschappen Wiskunde (6 of 8) waar naast extra leerstof ook jouw onderzoeksvaardigheden verfijnd worden.

Wetenschap maakt knap …

(Klik hier om nog meer te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen met wetenschappen

2de graad

3de graad ASO

* incl. projectwerk

Grieks-Wetenschappen & Latijn-Wetenschappen

De school kiest hier voor een versterking van wiskunde in beide leerjaren: in plaats van de voorgestelde 4 uur komen er 6 uur. Immers wie later een studie in de wetenschappen wil aanvangen op universitair niveau, heeft zonder meer een achtergrond met zes uur wiskunde nodig. Daarnaast zijn er twee keer twee uur fysica , twee keer twee uur chemie en 3 graaduren aardrijkskunde en biologie voorzien. Duits is mogelijk als facultatieve optie.

Moderne Talen – Wetenschappen

In het vijfde jaar sluit deze studierichting zowel aan bij de studierichtingen met wetenschappen als die met moderne talen. Dit levert een versterking talen op: 4 uur Frans – 3 uur Engels – 3 uur Duits. Tegelijk zijn 4 graaduren fysica en chemie voorzien. Voor biologie en aardrijkskunde zijn 3 graaduren ingericht. In het vijfde jaar is er 1u projectwerking biologie. Dit levert in het vijfde jaar een lessentabel met 33 uren op. In het zesde jaar sluiten deze leerlingen aan – gezien het profiel van hun verdere studies – bij de studierichtingen ‘Moderne Talen’. Ze krijgen dus ook projectwerking aangeboden voor talen.

Wetenschappen- Wiskunde: keuze voor 6 of 8 uur blijft bestaan

Het aantal voorziene uren wetenschappen wordt uitgebreid tav. de officiële lessentabel van het VVKSO. Aardrijkskunde krijgt drie graaduren, Biologie krijgt 3 graaduren,fysica 5 en chemie 4. Alle leerlingen krijgen ook twee graaduren Duits. We voorzien twee keuzemogelijkheden voor deze leerlingen. Kiest men voor We Wi 8 dan krijgen deze leerlingen in het vijfde én zesde jaar twee uur extra wiskunde. Kiezen ze voor We Wi 6 dan krijgen ze in het vijfde jaar projectwerking Bio/Fysica en in het zesde jaar projectwerking Chemie/Fysica

Wiskunde

Als je geïnteresseerd bent in wiskunde kies je in de tweede graad best voor een richting die het leertraject B voor wiskunde aanbiedt. Leertraject B sluit immers het beste aan op de zware pakketten wiskunde van de derde graad. Mogelijke opties zijn dus Latijn B, Economie B, WetenschappenSTEM en Grieks-Latijn. Kies je voor leertraject A dan is een overstap in de derde graad naar richtingen met sterke wiskunde vrijwel onmogelijk.

In de derde graad is er een ruime keuze aan richtingen die tegemoet komen aan je wetenschappelijk/wiskundige interesse: Latijn-Wiskunde (8u), Grieks- Wiskunde (8u) en Wetenschappen-Wiskunde (8u), Latijn-Wetenschappen (6u), Grieks-Wetenschappen (6u) en Wetenschappen-Wiskunde (6u), Moderne talen-Wiskunde (6u) en Economie-Wiskunde (6u) zijn richtingen die uitermate geschikt zijn voor leerlingen met een uitgesproken interesse voor wiskunde.

(Klik hier om nog meer te lezen)    (terug naar overzicht richtingen)

Lessentabellen met wiskunde

2de graad

3de graad ASO

* incl. projectwerk

Latijn-Wiskunde & Grieks-Wiskunde: 8 uur wiskunde blijft.

In het vijfde en zesde jaar krijgen deze leerlingen 8 uur wiskunde. In tegenstelling tot de officiële lessentabellen wordt –omdat we geloven dat dit een goeie voorbereiding is op verdere studies – het aantal uur fysica verhoogd tot twee uur per week en dit zowel in het vijfde als in het zesde jaar. Leerlingen die willen Duits studeren, kunnen dat kiezen als een facultatieve optie.

Wetenschappen- Wiskunde: keuze voor 8 of 6 uur blijft bestaan

Het aantal voorziene uren wetenschappen wordt uitgebreid tav. de officiële lessentabel van het VVKSO. Aardrijkskunde krijgt drie graaduren, Biologie krijgt 3 graaduren, fysica 5 en chemie 4. Alle leerlingen krijgen ook twee graaduren Duits. We voorzien twee keuzemogelijkheden voor deze leerlingen. Kiest men voor We Wi 8 dan krijgen deze leerlingen in het vijfde én zesde jaar twee uur extra wiskunde. Kiezen ze voor We Wi 6 dan krijgen ze in het vijfde jaar projectwerking Bio/Fysica en in het zesde jaar projectwerking Chemie/Fysica.

Economie – Wiskunde

In het vijfde jaar krijgen deze leerlingen 2 uur Duits. Hiermee komen ze uit op 32 lestijden. In het zesde jaar volgen deze leerlingen 1 uur Duits en twee uur seminarie economie (boekhoduen). Hiermee komen ze uit op 33 lesuren.

Moderne Talen – Wiskunde

In het vijfde jaar sluit deze studierichting zowel aan bij de studierichtingen met wetenschappen als die met moderne talen. Dit levert een versterking talen op: 4 uur Frans – 3 uur Engels – 3 uur Duits. In het vijfde jaar is verder één uur Nederlandse expressie voorzien. Dit levert in het vijfde jaar 32 lesuren op. In het 6de jaar krijgen deze leerlingen net als de andere leerlingen die moderne talen volgen een lessentabel met één uur projectwerking. Dit levert opnieuw 32 lesuren op.

CLIL

CLIL staat voor een aanbod van vakken die in een vreemde taal gegeven worden. In het Sint-Jozefsinstituut-college van Torhout kiezen we daarbij voor de maximale aanpak, d.w.z. het vak wordt van de eerste tot de laatste minuut (van lessen tot en met examens) in de vreemde taal gegeven. Alleen dan is er immers sprake van een duidelijke leerwinst zowel voor de vreemde taal als voor het zaakvak.

We kiezen er in het Sint-Jozefsinstituut-college ook voor om aan het CLIL-traject zoveel mogelijk internationaliseringsprojecten te koppelen. Zo hebben we o.m. projecten lopen met L’institut Saint-Dominique de Mortefontaine en met Astor College for the Arts te Dover.

Ons CLIL aanbod in 2020-2021 (te beslissen bij inschrijving)

  • Geschiedenis in het Frans 3de/4de jaar Latijn A/B of Latijn-Grieks
  • Geschiedenis in het Engels 5de/6de jaar humane wetenschappen en alle richtingen met Latijn of Grieks
  • Lichamelijke opvoeding in het Frans 5de/6de jaar Economie
  • Latijn in het Frans 5de/6de jaar Latijn-Grieks of Latijn moderne talen
  • Wiskunde in het Engels in 5de/6de jaar Wetenschappen Wiskunde 6 uur en richtingen met Latijn of Grieks met wetenschappen

Klik hier om een filmpje te bekijken met uitleg over CLIL : geschiedenis in het Frans in de 2de graad

STEM-didactiek

Wie kiest voor wetenschappen in het 3de jaar kiest voor STEM-didactiek in wiskunde en fysica. Essentieel daarbij is dat het leerplan voor beide vakken volledig afgewerkt wordt. We doen dit voortaan vanuit een andere invalshoek, vanuit een andere didactiek.
Daartoe krijgen de leerlingen ook twee lesuren techniek en engineering. In samenwerkingen met het VTI komt ook het gedeelte techniek goed aan bod.

STEM?

STEM staat voor Science, Technology, Engineering en Mathematics. In het derde jaar worden de lessen wiskunde, fysica, engineering en techniek op en elkaar afgestemd zodat elk vak ondersteuning biedt aan het andere vak. De leerlingen leren op die manier ook de samenhang tussen de verschillende STEM-vakken zien en de relevantie van elk vak. In de lessen engineering leren leerlingen ook programmeren, dit is belangrijk voor verdere wetenschappelijke studies.

Het Sint-Jozefsinstituut-college was samen met het VTI van Torhout pilootschool en stond in van de ontwikkeling van een deel van het curriculum derde jaar (lightbox). Dit hebben we dan verder uitgewerkt zodat we onze leerlingen op een onderzoekend-ontdekkende manier een kwalitatief sterk aanbod kunnen doen dat volledig beantwoordt aan het leerplan. Dit ontdekkend, verklarend leren van natuurwetten, technische systemen, ideeën zorgt ervoor dat onze afdeling wetenschappen in het college een krachtige leeromgeving wordt voor de leerlingen. In het vierde jaar krijgt dit STEM-verhaal een kwalitatief sterk vervolg in de vakken biologie en chemie.

(terug naar boven)

Uitgebreide uitleg over de studierichtingen

Economie

Actueel en bruikbaar

De media staan bol van nieuwsitems uit de sociaal-economische realiteit. Een elementaire kennis van economische begrippen behoort dan ook tot de algemene vorming van elke bewuste burger die zijn plaats in de maatschappij wenst te veroveren. Je wilt er toch met kennis van zaken over meepraten?

Het vak economie biedt zowel in de tweede graad als in de derde graad een heel pakket actuele onderwerpen uit de sociale en economische sfeer. Die onderwerpen verruimen onze kennis over de mens en de maatschappij waarmee we dagelijks geconfronteerd worden. Kennis over die onderwerpen laat ons toe om zeer genuanceerde en verantwoorde standpunten over die aangelegenheden in te nemen.

In de tweede graad worden de accenten gelegd op de basiswerking van de onderneming. Daarnaast wordt bestudeerd wat risico’s nemen in een onderneming inhoudt en hoe men die risico’s kan beheersen. Verder worden kleine ondernemingen vergeleken met grote en met multinationale ondernemingen. We gaan ook niet voorbij aan het fenomeen van de globalisatie. Ook het wereldomvattend probleem van de noord-zuid verhoudingen en de welvaartsverschillen komen aan bod tijdens de lessen en in de opdrachten die de leerlingen krijgen.

Een ruime keuze aan studiemogelijkheden in het hoger onderwijs

Economie studeren in de tweede en derde graad van het middelbaar onderwijs is een uitstekende voorbereiding op voortgezet onderwijs. Hierbij denken we aan universitaire studies en vierjarige studies van het hoger onderwijs zoals master in de economie, handelsingenieur, de masteropleidingen handelswetenschappen, rechten, politieke en sociale wetenschappen, rechten, bestuurskunde … maar ook aan driejarige opleidingen zoals marketing, fiscaliteit en accountancy, verzekeringen, expeditie, rechtspraktijk …

De ervaring leert ons dat wanneer het vak economie ondersteund wordt door wiskunde de toegang tot het academisch onderwijs iets gemakkelijker verloopt.

Algemeen vormend

Economie bestudeert het gedrag van de mens die behoeften bevredigt. En sinds we uit het aards paradijs verdreven zijn, zijn die behoeften ontelbaar. In economie gaat het in eerste instantie over mensen. Bij het zoeken naar verklaringen van het menselijk gedrag op economisch vlak, hebben we aandacht voor het ontwikkelen van het observatievermogen, het genuanceerd formuleren van het probleem en het probleemoplossend denken. Kiezen voor economie is kiezen voor heel wat actuele kennis, voor een ruime studiekeuzemogelijkheid en een heel algemeen vormend vak.

Terug naar boven

Humane wetenschappen

Jij, geïnteresseerd in …

  • Je wordt aangesproken door wat anderen, ook uit andere culturen, te zeggen hebben, maar dan vanuit de zorg voor de eigen wereld waarin je leeft.
  • Je houdt van muziek, van kunst, van creativiteit, kortom: je interesseert je voor datgene wat mensen raakt en beroert.
  • Je zoekt naar weerbaarheid op sociaal, psychologisch, cultureel vlak en je wil daartoe je humaniora een eigen vorm geven?
  • Je zoekt een richting die anders is dan de andere met nieuwe uitdagingen?
  • Het nieuwe schrikt je niet af, maar het trekt je aan, vooral omdat er gewerkt zal moeten worden op heel veel terreinen.
  • In elk geval ben je geïnteresseerd in mensen en wat ze zoal doen of niet doen. Je stelt je vragen naar het waarom van dat doen en laten.
  • Dat wil niet zeggen dat jij alles zo goed doet of dat je heel sociaal moet zijn om nu in Humane Wetenschappen te starten…….. maar dat laatste helpt wel.
  • Het gedrag van de mensen boeit je, je stelt er vragen over… misschien wel vanuit dingen die je zelf beleefd hebt in je omgeving.
  • Dat je vragen stelt, is fantastisch. Dat je die vragen wilt gebruiken als studieterrein is nog beter. Wie vraagt, kan leren, staat open voor het andere, voor een ander of voor andere culturen.
  • Je bent geïnteresseerd in een ASO-opleiding. Dat wil zeggen dat je een hele waaier van vakken zult krijgen die je in ASO-opleidingen aantreft, maar je wilt aan die ASO-opleiding een eigenzinnig tintje geven met vakken als gedrags- en cultuurwetenschappen, muzikale en plastische opvoeding. Je wil in die boeiende wereld inzicht wil krijgen door verbanden te ontdekken en kritische vragen te leren stellen. Je wil geleidelijk persoonlijke standpunten leren innemen en niet klakkeloos herkauwen, maar je voelt verantwoordelijk voor je eigen leerproces.

Wedden dat humane wetenschappen je richting is ?

Een richting met toekomstperspectieven

Ook onze oud-leerlingen uit de Humane Wetenschappen halen uitstekende slaagcijfers. De vorige jaren studeerden er oud-leerlingen af als gegradueerde in de orthopedagogie, gegradueerde in de psychologie, maatschappelijk assistent, gegradueerde interieurvormgeving, onderwijzer(es), regent(es), kleuterleider of –leidster, gegradueerde in de ergotherapie, verpleegkundige, licentiaat psychologie, licentiaat geschiedenis, licentiaat pedagogische wetenschappen, fotograaf, regisseur, gegradueerde in het communicatiebeheer, licentiaat criminologie, (vrije) of (toegepaste) grafiek enz.

De richting

De studierichting Humane Wetenschappen wordt uitgebouwd rond een aantal uitdagende vragen:

  • hoe worden jonge mensen zichzelf?
  • hoe ontstaan relaties tussen mensen?
  • hoe functioneert een samenleving?

In Humane Wetenschappen staat de studie van mens en maatschappij centraal.

Het is een volwaardige ASO-richting. Dat betekent dat de normen die voor de andere ASO-richtingen gehanteerd worden, ook gelden voor Humane Wetenschappen. De basisvorming die men aanbiedt, is dezelfde als in de andere ASO-studierichtingen.

Concreet betekent dit:

  • dat je over voldoende theoretische achtergrond moet beschikken,
  • dat je graag op een wetenschappelijke manier over menselijke en maatschappelijke situaties wil nadenken en er een mening over wil vormen,
  • dat je van plan bent om later verder te studeren.

De vakken gedragswetenschappen en cultuurwetenschappen geven de richting een eigen kleur en aantrekkingskracht. Daarenboven krijgen ook de muzisch-creatieve vakken een eigen plaats in deze opleiding.

CLIL in de richting Humane Wetenschappen

Sinds enkele jaren kan je in het Sint-Jozefsinsttuut-College ook bepaalde lessen in een vreemde taal volgen. CLIL staat voor een aanbod van zaakvakken die in een vreemde taal gegeven worden. In het Sint-Jozefsinsttuut-College van Torhout kiezen we daarbij voor de maximale aanpak, d.w.z. het vak wordt van de eerste tot de laatste minuut (van lessen tot en met examens) in de vreemde taal gegeven. Alleen dan is er immers sprake van een duidelijke leerwinst zowel voor de vreemde taal als voor het zaakvak.

In het 5de jaar (en aansluitend ook in het 6de jaar) humane wetenschappen kan je geschiedenis in het Engels volgen.

De vakken

Gedragswetenschappen

In het vak gedragswetenschappen maak je kennis met de theorieën uit verschillende wetenschappelijke disciplines als de psychologie, de sociologie en de antropologie. In die disciplines staan de studie van de mens en de samenleving centraal.

In de tweede graad (3de en 4de jaar) bestuderen de leerlingen de mens en de manier waarop hij zijn plaats zoekt in de samenleving. De thema’s in de tweede graad zijn zo gekozen dat ze bij de eigen leefwereld van de leerlingen aansluiten, maar toch de mogelijkheid bieden om kennis te maken met een wetenschappelijke benadering van de werkelijkheid.

In het derde jaar is de rode draad de levensloop van de mens met de nadruk op de levenslange groei en ontwikkeling. We bestuderen de positie van het kind in verschillende tijden en culturen en de psychologische ontwikkeling. We staan onder meer stil bij de plaats en de betekenis die het gezin heeft in onze samenleving. Ook de puberteit en de adolescentie, soms woelige en verwarrende levensfasen, krijgen de nodige aandacht. Het derde jaar sluit af met een verkenning van het volwassen worden en we gaan na hoe ook de ouder wordende mens geconfronteerd wordt met levenslang groeien.

In het vierde jaar bestuderen we de mens in relatie tot zijn omgeving. We bekijken de mens in zijn relatie tot anderen. Hoe ga je om met elkaar? Wat kan er zoal fout lopen in relaties? Hoe communiceren mensen met elkaar? Dat zijn enkele van de vele vragen die in het vierde jaar worden bestudeerd. Ook het verwerken van gebroken relaties wordt hier nader bekeken. Omdat elke mens deel uitmaakt van een aantal groepen (vriendenkring, jeugdbeweging, school enz.), wordt ook dat uitgediept.

In de derde graad maken de leerlingen verder kennis met de psychologie en de sociologie als wetenschap.

De verschillende thema’s:

Derde jaar

  • Het kind in de samenleving
  • Een tijd van groei en verandering
  • Levenslang groeien?!

Vierde jaar

  • Interactie en gedrag
  • Relaties
  • Individu en organisaties

Vijfde jaar

  • Zichzelf worden en zichzelf zijn
  • Zelfkennis wetenschappelijk en voorwetenschappelijk
  • Zichzelf worden, zichzelf zijn: vanzelfsprekend?

Zesde jaar

  • Met verschillen samenleven
  • Diversiteit kan leiden tot conflicten

Cultuurwetenschappen

In het vak cultuurwetenschappen maak je kennis met o.a. economie, recht, media, filosofie, levensbeschouwingen en kunst. ‘Cultuurfenomenen’ in de brede betekenis van het woord komen aan bod, niet als aparte vakken maar als manieren waarop de mens uitdrukt hoe hij het leven ziet en het samenleven organiseert.

Ervaring, observatie, bewustwording, analyse en kritische reflectie brengen je tot inzicht in het wezen en de samenhang van cultuurverschijnselen. Op die wijze kom je thuis in de maatschappij waarvan je deel uitmaakt en leer je begrip opbrengen voor andere samenlevingsvormen.

Er wordt gekozen voor een thematische verwerking van de leerinhouden.

In het derde jaar staan we onder meer stil bij de waarden en normen uit vreemde culturen. Zo wordt het makkelijker om ook je eigen leefwereld in vraag te stellen. Ook subculturen uit onze eigen westerse samenleving worden bestudeerd. In een tweede luik van dat jaar worden de massamedia nader bekeken, met bijzondere aandacht voor de in onze samenleving alomtegenwoordige reclame.

Gedurende een groot gedeelte van het vierde jaar bestudeer je de organisatie van de maatschappij op economisch vlak, met aandacht voor de spanningen die ontstaan tussen welvaart en welzijn. Onderwerpen zoals armoede, stress en milieuvervuiling worden hier aangekaart. De leerlingen maken ook kennis met kunst als één van de fenomenen van onze cultuur.

De verschillende thema’s:

Derde jaar

  • Cultuur en cultuuroverdracht
  • Massamedia en communicatie

Vierde jaar

  • Welvaart en welzijn
  • Omgaan met kunst

Vijfde jaar

  • Media en samenleving
  • Denken over ..
    – Denken over mens en maatschappij
    – Denken over wetenschap en techniek
    – Denken over goed en kwaad

Zesde jaar

  • Politiek en recht
  • Kunst en maatschappij

Plastische opvoeding

In dit vak wordt je een exploratietocht aangeboden doorheen de wereld van de kunst. Aandacht voor de boodschap in het beeld staat hier centraal. Wat heeft de kunstenaar aan zijn omgeving willen vertellen en hoe drukt hij zich uit? Welke basistechnieken gebruikt hij? Wat is vormgeving, design, architectuur, kleur, compositie?

In dit labyrint van vragen volgen we een creatief spoor van idee tot realisatie. De leerlingen ontdekken hun eigen kunnen, ontwikkelen een persoonlijke stijl en verwerven een creatieve aanpak op zoek naar een eigen vormentaal in confrontatie met de beeldcultuur van onze tijd.

Muzikale opvoeding

Muzikale opvoeding is de vierde pijler binnen de Humane Wetenschappen. Samen met de andere stamvakken wil muzikale opvoeding de leerling ontwikkelen op intellectueel en sociaal vlak, hem of haar oriënteren en voorbereiden op een bewuste en kritische deelname aan de maatschappelijke werkelijkheid.

Het vak leert je op zelfstandige wijze omgaan met muziek en opent een venster op het hedendaags muzikaal bewustzijn en op het rijk gevarieerde muziekaanbod van onze wereld. Je leert openstaan voor alle muzikale verschijningsvormen en realisatiemogelijkheden.

Dat alles wordt gekaderd in een systeem van muzikale omgangsvormen die elkaar voortdurend beïnvloeden: muzikale receptie (waarneming en interpretatie), productie (componeren, improviseren), reproductie (vocaal en instrumenteel musiceren) en reflectie (kennis, weten, inzicht hebben in,…)

Onze troeven

Het Sint-Jozefsinstituut-College heeft een jarenlange ervaring met de richting Humane Wetenschappen. Daardoor heeft deze richting in de loop der jaren een eigen duidelijk profiel gekregen. De specifieke aanpak van de leerlingen uit deze richting heeft dan ook geleid tot heel goede resultaten in het vervolgonderwijs.

Deze eigenheid resulteert ook in een reeks aangepaste activiteiten voor de leerlingen, zoals Brussel X, het kineforum, de extra beklemtoning van de muzische vorming…

Het kineforum van de derde graad Humane Wetenschappen is een driedaagse waarbij de leerlingen in het cultureel centrum meerdere films bekijken en bespreken, contact hebben met acteurs, regisseurs, … Kortom, een zeer intense driedaagse waarop leerlingen leren kijken naar en denken over film in al zijn verschijningsvormen. Ook de leerlingen van de tweede graad hebben hun eigen (beperkter) kineforum.

Brussel X is dan weer een driedaagse waarin de leerlingen van het vijfde jaar – mede in het kader van de lessen cultuurwetenschappen – de multiculturele hoofdstad in al zijn facetten verkennen. Een boeiende ervaring.

Terug naar boven

3de graad – IT & Netwerken (TSO)

De informaticawereld staat niet stil. Enkele jaren geleden is op vraag van het bedrijfsleven de studierichting ‘IT & Netwerken’ opgericht. Deze studierichting biedt een stevig pakket informatica aan zodat de leerlingen gewapend zijn om verder studies in de informatica aan te vatten.

Zo komen in het vijfde jaar volgende zaken aan bod:

  • Beheer van computersystemen en netwerken: hardware, besturingssystemen (Windows en Linux).
  • Toepassingen: webontwikkeling, gegevensbeheer (Access en MySQL), elektronisch presenteren, rekenblad, fotobewerking, 3D-tekenpakket.
  • Programmeren: object georiënteerd programmeren in Java.

In het zesde jaar bouwt men verder op wat in het vijfde jaar werd gestart, vandaar dat geslaagd zijn voor alle informatica-onderdelen in het vijfde jaar een noodzaak is om in het zesde jaar te worden toegelaten. De inhouden van informatica in het zesde jaar zijn:

  • Beheer van computersystemen en netwerken: Windows Server
    • Netwerkinfrastructuur
    • Installatie
    • Netwerkbeheer
    • Bestandsbeheer
    • Beveiliging
  • Programmeren: dynamische webpagina’s in PHP

In het zesde jaar maken de leerlingen een geïntegreerde proef, een eindwerk waarbij meerdere vakken toegepast worden. Tijdens het tweede trimester gaan ze twee weken op stage in een bedrijf waarbij ze in de praktijk enkele informaticaproblemen oplossen.

Naast het pakket informatica komen de talen in ruime mate aan bod: Nederlands, Frans, Engels. We verwachten voor de talen een behoorlijke basiskennis. Als ondersteuning voor het inzicht in de informaticastructuren wordt een stevig pakket van 4u wiskunde aangeboden. Het is dan ook belangrijk dat de leerlingen in de tweede graad een degelijke wiskundige kennis hebben opgebouwd.

De richting IT & Netwerken hoort thuis in het studiegebied handel. Er staat dan ook toegepaste economie op het programma: 3 uur in het 5de jaar en 3 uur in het 6de jaar. Na de derde graad IT & Netwerken studeren heel wat leerlingen verder in informaticarichtingen in het hoger onderwijs of volgen ze een HBO5 opleiding. Hun kansen op de arbeidsmarkt verhogen ook nog door het behalen van het attest bedrijfsbeheer samen met hun diploma secundair onderwijs.

3de graad – Accountancy & IT (TSO)

De studierichting ‘Accountancy & IT’  combineert twee belangrijke pijlers:

  • Enerzijds komt een stevig pakket toegepaste economie (7 uur) aan bod:

De leerlingen krijgen vooral bedrijfseconomie te zien. Zo komen onder andere de economische omgeving, het buitenlands beleid, het belang van stakeholders, de opstartformaliteiten, marketing-, investerings-, voorraad-, personeelsbeleid, analyse van de jaarrekening en fiscaliteit aan bod.
Alle boekhoudkundige verrichtingen worden steeds bekeken en geïnterpreteerd vanuit een ruimer bedrijfseconomisch geheel. Daarnaast leren de leerlingen ook werken met een professioneel boekhoudpakket.

  • Anderzijds krijgen de leerlingen een belangrijk deel toegepaste informatica.

Het gaat om 7 uur zowel in het vijfde als in het zesde jaar. In de informaticalessen komen de volgende onderwerpen aan bod:

    • SQLdatabase
    • BIG DATA
    • Veiligheid
    • Websiteontwikkeling
    • Object georiënteerd programmeren in C#
    • Programmeren in het 3-lagenmodel

De integratie van beide onderdelen van de studierichting komt tot uiting in de geïntegreerde proef die de leerlingen in het zesde jaar als ‘kroon op het werk’ afleveren.

  • Daarnaast komen ook de algemene vakken aan bod:

Talen: Nederlands, Frans, Engels, Wiskunde (4 uur)
Algemene vakken: aardrijkskunde, geschiedenis, godsdienst, lichamelijke opvoeding, wetenschappen

Na de opleiding studeren de meeste leerlingen verder in uiteenlopende richtingen. Toch bereidt de studierichting ‘Accountancy & IT’ vooral voor op studierichtingen met economie of informatica (professionele bachelor). Daarnaast komen onze leerlingen ook terecht in het sociaal en pedagogisch hoger onderwijs, waar ze – afhankelijk van hun eigen profiel – mooie resultaten behalen. Hun kansen op de arbeidsmarkt verhogen ook nog door het behalen van het attest bedrijfsbeheer samen met hun diploma secundair onderwijs.

Terug naar boven

Grieks en Latijn

Grieks en/of Latijn kiezen, is kiezen voor een brede en algemene vorming

Intellectuele vorming

Het nauwkeurig observeren van taalmateriaal, het logisch redeneren bij de verklaring ervan en het precies oordelen bij de vertaling, zijn stuk voor stuk hoogwaardige leerprocessen.

Culturele vorming

Door de grondige en kritische lectuur van klassieke teksten ontwikkelen de leerlingen hun esthetisch gevoel, moreel bewustzijn, historisch overzicht en inlevingsvermogen in de psychologie van de mens.

De klassieke teksten zijn het medium bij uitstek om in contact te komen met de antieke culturen die zoveel schoonheid hebben voortgebracht en de bakermat van onze huidige westerse beschaving en cultuur genoemd kunnen worden.

Attitudevorming

De studie van de klassieke talen ontwikkelt enkele duurzame houdingen zoals de zin voor analyse en synthese en de gevoeligheid voor niet-utilitaire waarden als vormschoonheid, morele integriteit en intellectuele diepgang.

Om de klassieke opleiding met succes te kunnen voltooien, moeten de volgende basishoudingen aanwezig zijn: intellectuele capaciteiten, sterke studiemotivatie, groot doorzettingsvermogen en een brede culturele belangstelling.

Het curriculum klassieke talen in het Sint-Jozefsinstituut – College

Jongens en meisjes die in het eerste en tweede jaar bewezen hebben dat ze de studie van de klassieke talen aankunnen, mogen met vertrouwen en enthousiasme op de ingeslagen weg verder gaan.

In de tweede graad van het Sint-Jozefsinstituut – College kan je kiezen voor Latijn (met wiskunde volgens leertraject vier uur of leertraject vijf uur) of Grieks-Latijn (met vier uur wiskunde maar volgens het leertraject vijf uur).

In de derde graad krijg je nog een grotere waaier van mogelijkheden: Latijn-Wiskunde, Latijn-Wetenschappen, Latijn-Moderne Talen, Grieks-Latijn, Grieks-Wiskunde of Grieks- Wetenschappen.

CLIL in de richtingen met Latijn

Sinds enkele jaren kan je in het Sint-Jozefsinstituut-College ook bepaalde lessen in een vreemde taal volgen. CLIL staat voor een aanbod van zaakvakken die in een vreemde taal gegeven worden. In het Sint-Jozefsinstituut-College van Torhout kiezen we daarbij voor de maximale aanpak, d.w.z. het vak wordt van de eerste tot de laatste minuut (van lessen tot en met examens) in de vreemde taal gegeven. Alleen dan is er immers sprake van een duidelijke leerwinst zowel voor de vreemde taal als voor het zaakvak.

In het 3de jaar Latijn B (en aansluitend ook in het 4de jaar) kan je geschiedenis in het Frans volgen.

In het 5de jaar Latijn (en aansluitend ook in het 6de jaar) kan je geschiedenis in het Engels volgen.

Klassieke talen en de studiekeuzemogelijkheden

De studierichtingen Latijn en Grieks zijn geen keurslijf: de leerlingen kunnen bij elke overgang overstappen naar een andere ASO-richting. Het verdient vanzelfsprekend de voorkeur de klassieke vorming door te trekken tot het eind van het secundair onderwijs.

De belangrijkste keuzes die in de tweede graad moeten gemaakt worden, zijn of je in je lessenpakket een klassieke taal wenst op te nemen (Latijn of Grieks én Latijn) en met welk leertraject wiskunde je de studie van de klassieke taal combineert.

En daarna?

Leerlingen die klassieke studies gevolgd hebben, behalen doorgaans hoge slaagcijfers aan de universiteit en doen dit in alle soorten opleidingen. Ook voor het niet-universitair onderwijs biedt een klassieke opleiding een stevige basis.

Vaak wordt immers de vraag naar het nut van Latijn of Grieks gesteld. Slaagkansen in hogere studies worden echter niet in de eerste plaats bepaald door de voorkennis van specifieke vakinhouden maar wel door het peil van de algemene intellectuele vorming en duurzame attitudes zoals wetenschappelijke belangstelling, studiemotivatie en doorzettingsvermogen.

Ook in de bedrijfswereld is een herwaardering van klassiek gevormden vast te stellen. Men heeft immers steeds meer behoefte aan mensen met een brede achtergrond, menselijk inzicht, analytisch denkvermogen en aandacht voor ruime verbanden.

Ten slotte…. klassieke studies kies je niet alleen voor het nut …

Wie voor klassieke talen kiest, kiest voor een onderwijs en een persoonlijkheidsvorming die het ideaalbeeld van de humaniora heel sterk benaderen

Terug naar boven

Moderne vreemde talen

Kiezen voor talen

In de nieuwe structuur van de tweede graad hebben de talen een duidelijke plaats gekregen. In het Sint-Jozefsinstituut-College krijgen alle leerlingen vier uur Nederlands, (minimum) vier uur Frans en zijn er klassen die drie en klassen die twee uur Engels krijgen. Alle leerlingen krijgen in het vierde jaar één uur Duits.

De vormingscomponent Moderne Talen kan het best gekenmerkt worden door het cijfer vier.

  • Vier talen: Nederlands, Frans, Engels en Duits worden je aangeleerd met grote aandacht voor de communicatieve vaardigheden.
  • Vier vaardigheden: luisteren, spreken, studerend lezen en schrijven.
  • Vier jaar: In de tweede en de derde graad krijg je op vier jaar tijd de kans om een stevige taalbeheersing te verwerven.

Frans

Alle leerlingen krijgen in het derde jaar vier uur Frans aangeboden. Leerlingen die voor de richting Economie kiezen met een versterking van de talen krijgen in het derde jaar een extra vijfde uur Frans aangeboden. In dat uur wordt geopteerd voor inoefening van de leerstof. Daarbij wordt de nadruk gelegd op dictees, expressief lezen en dialoogoefeningen.

Zowel in de lessen als in het projectwerk (zie verder) is taalvaardigheid een belangrijk gegeven. Lezen, spreken, schrijven en luisteren zijn zaken die in ruime mate aan bod komen. Uiteraard zijn die vaardigheden gestoeld op een degelijke basis van kennis van grammatica en woordenschat.

Engels

Als talen je aanspreken, dan zal dat beslist ook het geval zijn voor Engels, de wereldtaal bij uitstek.

In de tweede graad, in het derde jaar krijgen de leerlingen die geen klassieke talen volgen, een derde uur Engels. Tijdens dat uur ligt het accent vooral op een grondiger inoefening van de reeds genoemde vaardigheden: lezen, luisteren, spreken en schrijven.

In de derde graad worden de leerlingen vertrouwd gemaakt met een gamma van tekstsoorten: van artistiek-literair tot zakelijk-informatief. Het handboek wordt aangevuld met actuele teksten uit de krant en van het internet. De vier reeds genoemde vaardigheden (lezen, luisteren, spreken en schrijven) komen aan bod om deze teksten te verwerken (beschrijven, structureren, beoordelen) Hierdoor worden taal en inhoud op een interactieve manier geïntegreerd.

Productieve vaardigheden krijgen ook hun kans in uitstappen naar Londen en Canterbury, contacten met de partnerschool te Dover, of met de partnerscholen in de internationaliseringprojecten, het bijwonen of spelen van Engels toneel of het bijwonen van een repetitie voor een musical, het bezoek van native speakers…

Duits

De leerlingen krijgen in het vierde jaar allemaal één uur Duits aangeboden.

Met “Alles im Griff” starten we een verkenningstocht in de taal van Goethe en Schumacher..

We besteden veel zorg aan tekst- en oefenmateriaal dat nauw op je eigen belevingswereld aansluit. Luisteren en begrijpend lezen komen op de voorgrond, maar je zal ook korte dialoogjes en kleine boodschappen schrijven. Je zal versteld staan hoe vlug je in het Duits kunt dialogeren en informeren, kopen en verkopen, skiën en snowboarden.

In de derde graad willen we in de lessen Duits je leesvaardigheid stimuleren door een gevarieerd en aantrekkelijk tekstaanbod. Dankzij gevarieerde luistertests, stelselmatige training van de spreekvaardigheid en van de schrijfvaardigheid komen alle communicatieve vaardigheden ruim aan bod.

De grammatica is nu uitgebreider maar blijft functioneel, is geen doel op zich maar vervult een ondersteunende rol in het actief taalgebruik.

Nauwe contacten met onze partnerscholen in Eupen en Dortmund (Mallinckrodt Gymnasium) bieden je de kans, o.m. via uitwisselingen, je taalkennis aan te scherpen: uitwisselingen, een toneelvoorstelling in het Duits, poppenkast spelen voor Duitstalige kleuters,… het behoort allemaal tot de mogelijkheden.

Wie goed Duits kent, heeft een belangrijke werkgelegenheidstroef in handen. Duitsland blijft Belgiës eerste handelspartner.

Niet alle richtingen hebben Duits op hun lessentabel staan. De school biedt de leerlingen evenwel de mogelijkheid om facultatief Duits te volgen. Dat kan voor leerlingen soms een belangrijke steun betekenen als ze dan om welke reden ook de stap moeten zetten van Economie-Wiskunde naar Economie-Moderne Talen. Het is alvast aan te raden om facultatief Duits te volgen.

Het projectwerk

Wie een richting met talen kiest, krijgt in het zesde jaar één lesuur projectwerk. Dat houdt in dat elke leerling voor elk van de drie talen gedurende één trimester een blok van drie uren krijgt voor een diepgaand leren van de vreemde talen. Daarin kan één bepaald thema worden uitgewerkt of er wordt intens aan een project gewerkt of er wordt vakoverschrijdend gewerkt.

Thema’s en projecten voor het vak Engels in voorbereiding zijn b.v. war poetry, London (nav. de schooluitstap op het einde van het jaar), een toneelvoorstelling in het Engels. Zo brachten leerlingen van klas 604b dit jaar een mooie voorstelling van twee short plays die ze dan ook in de toneelschool te Dover mochten gaan brengen.

Mogelijke thema’s en projecten voor het vak Duits zijn: Berlijn, de Duitstalige Gemeenschap in België, poppenspel in een Duitstalige kleuterschool en toneel in de Duitse partnerschool of het voorbereiden van een uitwisseling met een Duitse partnerschool.

Voor Frans handelt het over thema’s en projecten rond Parijs (nav. de schooluitstap) maar ook over poëzie, toneel e.d.

Terug naar boven

Wetenschappen

verwondering, uitdaging, inzicht en toekomst

Waarom wetenschappen studeren?

Wetenschappen studeren is een toekomstgerichte keuze die je vanuit een verwondering toelaat een dieper inzicht in de natuur, de mens en de wereld te verkrijgen.

Wetenschap is de motor van technologische vooruitgang en innovatie in onze wereld. Aan elk technische innovatie, van de iPad en de elektrische auto tot de nieuwste medicijnen en chirurgische robot, ligt een wetenschappelijk inzicht aan de grondslag. Wetenschappen geven inzicht in de werking van de natuur en de wereld, van het onmetelijk grote, zoals sterren en planeten, tot het onmetelijk klein, zoals elektronen, atomen en moleculen.

Wetenschappelijke studies leiden leerlingen op in een systematische, kritische en gestructureerde aanpak, gaande van nauwkeurige observatie tot logische deductie en formulering van hypothesen en conclusies. Naast de werken van de grondleggers van de wetenschappen zoals Newton en Pasteur
wordt ook aandacht besteed aan hedendaagse maatschappelijke thema’s zoals kernenergie en genetische gemodificeerde gewassen.

De wetenschappen leiden leerlingen niet alleen in in de grondslagen van onze sterk veranderende wereld, ze komen ook tegemoet aan de ‘verwondering’ die we allemaal ervaren bij het zien van de natuurlijke fenomenen in deze wereld. Hoe ontstaat de regenboog? Wat zijn sterren? Waarom bloeien bloemen? Wat is biodiesel?

Wetenschappen-STEM in de 2de graad

In het college krijg je in de lessen wiskunde en fysica de STEM-didactiek in de richting wetenschappen. Essentieel daarbij is dat het leerplan voor beide vakken volledig afgewerkt wordt. We doen dit vanuit een andere invalshoek, vanuit een andere didactiek. Daartoe krijgen de leerlingen ook een lesuur engineering en zorgen we er ook voor in samenwerking met het VTI dat ook het gedeelte techniek aan bod komt. De leerlingen zijn alvast heel enthousiast!

STEM?

STEM staat voor Science, Technology, Engineering en Mathematics. De lessen wiskunde, fysica, engineering en techniek worden op elkaar afgestemd zodat elk vak een ondersteuning biedt aan het andere vak. De leerlingen leren op die manier ook de samenhang tussen de verschillende STEM-vakken zien en de relevante van elk vak. In de lessen engineering leren leerlingen ook programmeren, dit is belangrijk voor verdere wetenschappelijke studies. Het Sint-Jozefsinisttuut-College was samen met het VTI van Torhout pilootschool en stond in voor de ontwikkeling van een deel van het curriculum derde jaar (lightbox). Dit hebben we dan verder uitgewerkt zodat we onze leerlingen op een onderzoekend-ontdekkende manier een kwalitatef sterk aanbod kunnen doen dat volledig beantwoordt aan het leerplan. Dit ontdekkend, verklarend leren van natuurweten, technische systemen, ideeën zorgt er voor dat onze afdeling wetenschappen in het College een krachtge leeromgeving wordt voor de leerlingen. Momenteel werken de leerkrachten van het vierde jaar hard aan een kwalitatief sterk vervolg in dat vierde jaar

Wetenschappen studeren in de 3de graad

Om wetenschappen te studeren in de derde graad zijn intellectuele capaciteiten zoals logisch redeneren en wiskundig denken (i.h.b. voor het vak fysica) belangrijk, maar ook een sterke interesse en motivatie om de natuurlijke fenomenen rondom ons te begrijpen en toe te passen.

Lessentabel wetenschappen in de derde graad

  biologie chemie fysica
5de 6de 5de 6de 5de 6de
Lat-Wet,
Gr-Wet
1 2 2 2 2 2
Mt-Wet 2* 2 2 2 2 2
We-Wi 6 2* 2 2 3 3 4
We-Wi8 2* 2 2 2 2 3

Een basispakket wetenschappen van 5 u/week in het 5de jaar en 6u/week ín het 6de jaar wordt gegeven in de richtingen GrWet en LaWet. In de richting MtWet wordt een extra uur labo chemie en biologie aangeboden. (* is 1u extra biologie als projectwerking)

De richting WeWi8 krijgt een extra uur fysica in het zesde jaar, waar zowel extra leerstof mechanica als onderzoeksopdrachten aan bod komen.

Tenslotte krijgen de leerlingen van de richting WeWi6 het meest fundamentele pakket wetenschappen: 7u/week in het 5de jaar tot 9 u/week in het 6de jaar. Het spreekt voor zich dat in deze richting heel wat aandacht gaat naar het ontwikkelen van onderzoeksvaardigheden, rapporteren van resultaten, uitdieping van de leerstof, … en dit in de 3 wetenschapsvakken.

Wetenschappen studeren in het hoger onderwijs

Wetenschappen en technologie krijgen een groot maatschappelijk draagvlak. De instroom van jong wetenschappelijk talent is cruciaal voor de verdere uitbouw van onze kennismaatschappij, onze welvaart en ons welzijn (cf. ‘Vlaanderen in actie’). De bedrijfswereld, de ziekenhuizen, het onderwijs,… roepen hard om wetenschappelijk geschoolde krachten. De toekomst van onze wetenschappers is nu reeds verzekerd.

Dit hebben onze leerlingen wetenschappen zeker goed begrepen: 65 % van de leerlingen die wetenschappen hebben gestudeerd in onze school gaan ook verder in deze richting. Hun gedegen vooropleiding zorgt dan ook voor spectaculaire slaagcijfers in het hoger onderwijs.

In welke wetenschappelijke richtingen studeren onze leerlingen wetenschappen typisch verder ?

Wetenschappelijke richting in het middelbaar Wetenschappelijke richting in het hoger onderwijs
MtWet (4u wiskunde) PBA Verpleegkunde
PBA Secundair onderwijs
PBA Laboratoriumtechnieken
WeWi6 (6u wiskunde) ABh Industriële wetenschappen
ABU Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie
ABU Geneeskunde of Biomedische wetenschappen
ABU Farmaceutische wetenschappen
WeWi8 (8u wiskunde) ABU Ingenieurswetenschappen
ABU Bio-ingenieurswetenschappen
ABU Handelsingenieur
ABU Geneeskunde
ABU Farmaceutische wetenschappen

Terug naar boven

4-5-6-8 uur wiskunde?

In de tweede graad twee leertrajecten wiskunde

In de tweede graad kan je voor het vak wiskunde kiezen voor het leertraject A. Dat is het leertraject van de vier uur wiskunde. Het kan gebeuren dat je toch vijf uur wiskunde hebt maar dan is er één uur voorzien voor extra oefeningen.

Je kan ook kiezen voor het leertraject B. Dan krijg je het leertraject dat voorzien is voor de vijf uur wiskunde. Wie zijn kansen wil open houden om in het vijfde jaar zes of acht uur wiskunde te volgen, doet er het best aan om het leertraject B te kiezen. Leertraject B sluit immers het best aan op de zware pakketten wiskunde van de derde graad.

Ook met de nieuwe lessentabellen kan je in de derde graad nog kiezen voor zes of voor acht uur wiskunde

De nieuwe lessentabellen en de nieuwe leerplannen vertrekken allemaal van een basis van 6 uur wiskunde. Het Sint-Jozefsinstituut-College heeft echter gekozen om het aanbod van de acht uur wiskunde te behouden.

Waarom kiezen leerlingen in de derde graad voor zes of acht uur wiskunde?

Stel je die vraag aan een leerling die voor acht of zes uur wiskunde gekozen heeft, dan krijg je steevast hetzelfde antwoord: we willen goed voorbereid zijn om later met succes onze studies in het hoger onderwijs af te ronden.

De aangeboden leerstof, die vrij uitgebreid kan zijn, leert hen grote pakketten te verwerken. Op die manier leren ze de leerstof begrijpen, synthetiseren en memoriseren.

Die werkwijze van studeren zal hen later goed van pas komen in hun verdere doorstroming naar het hoger onderwijs. Statistisch onderzoek in Vlaanderen wijst dan ook uit dat precies zij de meeste slaagkansen bezitten in het hoger onderwijs.

Welk profiel hebben de leerlingen die voor zes of acht uur wiskunde kiezen?

Leerlingen die voor de zes of acht uur wiskunde kiezen, mogen niet uit het oog verliezen dat het om een ASO-opleiding gaat. Dat betekent dat ze geconfronteerd worden met een waaier van uiteenlopende vakken die een algemene vorming voor ogen hebben. In die opleiding zijn dus ook taalvakken en vakken als geschiedenis of aardrijkskunde belangrijk.

Veel van die leerlingen hebben een uitgesproken interesse voor de positieve wetenschappen. Meestal waren hun resultaten in de tweede graad, in het bijzonder voor wiskunde, goed tot heel goed.

Wel stellen we vast dat de interesse voor die positieve wetenschappen soms wat eenzijdig is. Wat momenteel niet goed in de markt ligt, is het pure mathematische denken. Onder invloed van de huidige informatie- en communicatietechnologie legt men meer de nadruk op de concrete toepassingen. Het hedendaagse wiskundeonderwijs is op zoek naar een evenwicht tussen de razendsnelle technologische vernieuwingen en de meer traditionele diepere waarden en het is duidelijk dat niet alleen het leren van theorie belangrijk is. Het is de bedoeling dat leerlingen wiskunde leren kennen als een zinvolle activiteit en methode. Zo kun je de problemen uit allerlei domeinen aanpakken. Aandacht voor de ontwikkeling van de behandelde begrippen, hun rol in andere wetenschappen en in onze cultuur is daarom zeker noodzakelijk.

Wat is het verschil tussen zes en acht uur wiskunde?

Het verschil uit zich vanzelfsprekend in de behandeling van een aantal bijkomende onderwerpen in het leerplan 8 uur: analytische meetkunde, reeksen …

Dat is echter niet het belangrijkste onderscheid. De leerstofpunten die in beide leerplannen voorkomen, worden in de 8 uur meer uitgediept. Het gaat hier voor een aantal onderdelen om een meer theoretische aanpak van problemen. Het lestempo ligt soms iets hoger en de gemaakte oefeningen zijn complexer.

Waar vroeger het toelatingsexamen en de opleiding tot burgerlijk ingenieur zich richtten tot die studenten die het leerplan 8 uur gevolgd hadden, stellen we evenwel vast dat leerlingen die 6 uur wiskunde gekozen hebben nu ook makkelijker toegang krijgen tot die studies.

Terug naar boven